reiskriebels
Mijn roze koffer staat op haar vaste plekje in de hal. Net uitgepakt, zich langzaam voorbereidend op de definitieve gang naar de kelder. Sommige dingen moet je niet overhaasten. Ze ziet er verweesd uit, te uitbundig om zomaar stil te staan. Mijn roze reisgenote, die zich na een reis altijd weer trouw op de bagageband aandient, al van verre zichtbaar. (Behalve die keer dat ze in Londen bleef staan, in plaats van over te stappen op de vlucht naar San Francisco. Maar hé, we maken allemaal fouten.) Ik kocht haar ooit in Italië, na drie tripjes was ze al helemaal gebutst. Gepokt en gemazeld, een ervaren reizigster. Onverstoorbaar roze.
Vreemd misschien, maar ik heb juist extra last van reiskriebels als ik net uit het buitenland terugben. Dan jeuken mijn handen, zo'n zin heb ik om de roze koffer in volle vaart over de loopband van een verre luchthaven achter me aan te rollen. Natuurlijk ben ik blij om m'n vriendinnen te zien en stort ik me op achterstallig onderhoud: irritante collega's, heerszuchtige moeders, spannende mannen, wilde plannen, alles nemen we door. Vanzelfsprekend is het fijn om m'n familie veilig in de buurt te hebben. En o ja, heerlijk hoor, om weer in m'n eigen huis, m'n eigen kledingkast, m'n eigen bed te duiken.
Maar voor je het weet, is alles weer zo gewoon. Vandaar dat ik, vers geland op Schiphol, de goedbedoelde vraag hoe-heb-je-het-gehad? liever ontwijk. Ik kan vertellen wat ik gedaan heb. Ik kan vertellen waar ik geweest ben. Ik kan roepen dat het ge-wel-dig was. Maar dan zeg ik zo weinig. De taal is niet toereikend.
En dus zweef ik als een verdwaalde astronaut door m'n huis, sta ik zonder clou voor m'n kledingkast en droom ik in bed van verre bestemmingen. Het lukt me niet om meteen weer snel en doelgericht te reageren - ter zake, zoals in Nederland van je verwacht wordt. Het leven gaat gewoon door, maar ik kan het tempo niet bijbenen.
En eerlijk gezegd heb ik daar ook niet zo'n zin in. Ik wil me niet laten grijpen door die Nederlandse gekte, die van op tijd opstaan, ontbijtdrink naar binnen gieten, hard fietsen om de trein te halen. (En dan is de dag nog maar net begonnen.) Dat gestreste, opgefokte bestaan waar we allemaal onze bedenkingen bij hebben, maar waarin we elkaar massaal meeslepen. Help, ik wil weer op reis!

Een maand geleden keerden mijn koffer en ik terug uit Australië, waar ik vier weken gewerkt en gereisd had. Zij roze, ik bruin en beiden intens tevreden. Ik voelde me vrij, onbezorgd, met dank aan de zon, de onmetelijke ruimte en de no worries mentaliteit van de Australiërs. Illusies maakte ik me niet: dit vrije gevoel vasthouden was een onmogelijke opgave. Ik kon er wel krampachtig naar streven, maar dat zou frustrerend werken. Onherroepelijk zou ik weer worden meegezogen in de snelle, gestreste stroom.

Het is niet te geloven. Maar toch echt waar, denk ik. Ik heb het Australië-gevoel nog steeds. Geen stress, geen haast. Zo lang ik er niet te veel over nadenk, gaat het goed. Alsof ik iets in mijn bagage mee heb genomen wat de douane me niet meer afpakt. Vrijheid als souvenir. En dat is zo'n geweldige ontdekking dat ik geen haast meer heb om weg te gaan.
Wat een tevredenheid. M'n vriendinnen vinden me aangenaam gezelschap, m'n geliefde prijst zich gelukkig met zijn ontstreste eega, de kat geniet van al dat gulle aaiwerk. Er is maar één trouwe gezel die ik niet blij maak met deze vernieuwde levenshouding. M'n roze koffer. Mokkend is ze verhuisd van hal naar kelder, waar ze wacht op betere tijden.

 
 

 

© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl
Op de inhoud van deze site berust copyright, niets van de inhoud van deze website mag zonder de uitdrukkelijke toestemming
van de auteur of haar vertegenwoordigers worden overgenomen op wat voor manier of in welke vorm dan ook.
Dit is een afbeelding van een pagina uit Marie Claire, de foto op deze pagina is gemaakt door Carin Verbruggen.