![]() |
het grote genieten Ik kijk naar buiten. Over de kade loopt een dikke vrouw met een worstvormige hond. De hond krabt langdurig aan zijn gevlekte kont, de vrouw trekt hem ruw mee. Aan de hemel staat een witte vliegtuigstreep. Op het aanrecht ligt een lege koekjesverpakking. Opruimen? Ach, waarom eigenlijk. Mijn oog valt op de fruitschaal. Een mandarijn? Lusteloos begin ik te pellen. Iets doen. Ik begin te lezen. Na anderhalve bladzijde geef ik het op. De telefoon gaat. Opnemen of laten rinkelen? Als ik uiteindelijk opneem, ben ik net te laat. Ik denk aan de honger in Afrika. Ik denk aan het lot van de illegalen. Ik denk aan de man die miljonair had kunnen zijn maar geen cent kreeg, omdat het bedrag van z'n lot niet werd afgeschreven. Ik peper mezelf in dat hij nu z'n hele leven assistent-landmeter zal moeten blijven in plaats van multimiljonair. Dat is pas erg. Maar het helpt niet. Waarom verlummel ik deze vrije uren? Waarom heb ik vandaag
nog geen enkele zinnige gedachte gehad? Het ergste vind ik dat ik geen goede
reden heb om me lamlendig te voelen. En dat is verboden, zomaar een dag voorbij
laten gaan. Het leven moet mooi zijn, bijzonder, enerverend, geweldig. Ik lijd
aan de ziekte van deze tijd, het koortsachtige verlangen om alles uit het leven
te halen. Als dat even niet lukt, is het je eigen schuld en noemen we het nog
liever depressie dan gewoon een rotdag. Had ik maar een tobbe om in te schrobben, een zondagse
jurk om te strijken, een kleed om te kloppen. Dan wist ik wat me te doen stond
en kon ik me heerlijk kwijten van m'n doodsaaie taken met een gerechtvaardigd
bloedchagrijnig hoofd. Om vijf uur de zuurkool op het vuur, om half zes aan
tafel en direct daarna weer aan de afwas. Na het eten een moment voor mezelf
als de vader des huizes boven z'n krant in slaap is gesukkeld, de door mij gebrachte
pantoffels nog aan z'n vermoeide voeten. Ik kijk naar buiten. Er drijven een paar vastberaden Hollandse wolken voorbij. De telefoon gaat, maar ik neem nog steeds niet op. Ik ga de was doen, op veertig graden. Smijten met vuile sokken en onderbroeken, intens uit m'n humeur de witte en bonte was sorteren, dat lijkt me nou een prima tijdsbesteding. Vandaag hoef ik niet te genieten. Heerlijk eigenlijk, zo'n rotdag. |
© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl |
|