doekkie
Het is sterker dan mezelf. Ik wil iets nieuws. Vreemd, maar van een pas verworven kledingstuk, een paar verse schoenen, een nieuwe tas gaat een belofte uit. Alsof daarmee niet alleen je verschijning maar het hele leven spannend en anders wordt. Koortsig fiets ik door de stad, al weet ik dat het gevaarlijk is om me nu in de buurt van winkels op te houden; deze stemming vereist eenzame opsluiting in een geluidsdichte kamer tot de koorts gezakt is.
Te laat. De fiets staat al geparkeerd en ik bevind me in een rare winkel vol verjaarde leren jassen; als ik nou voor een prikkie een mooi exemplaar op de kop weet te tikken, blijft de schade beperkt. De Indiase verkoper - klein van stuk, groot van glimlach - ken ik van de vorige keer. Toen was ik wegens bezuinigingen ook al zijn dichtbepakte winkel ingedoken op zoek naar dat ene, perfecte, betaalbare jasje. De vrolijke verkoper bediende drie klanten tegelijk, rende af en aan met de meest vreselijke modellen en lachte op gezette tijden charmant. "I am going to make you happy," beloofde hij en weg was hij weer om de andere twee klanten gelukkig te maken.
Ik waande me in India, kreeg visioenen van het overvolle Bombay, met op elke straathoek een verkoper die je het grote geluk belooft. De zoete geur van dat wonderlijke land kwam de neusgaten binnen, ik zou er zó weer naartoe willen. Alleen naar het afdingen heb ik geen heimwee, dus liet ik het jasje hangen. "I'll make you happy," riep de vrolijke verkoper me hoopvol na.

Met die belofte in m'n oren stap ik de tweede keer koortsig en wel recht op dat ene jasje af. "Maak me blij," mompel ik, terwijl de rits blijft steken. Maar de vrolijke verkoper staart mismoedig voor zich uit. Hij doet geen poging me iets aan te smeren zoals vorige keer - "we don't have the name, but we dó have the quality" - en zijn ogen branden, alsof hij net gehuild heeft. Ik had me ingesteld op een ritueel partijtje afdingen, maar hij belt somber z'n baas, die de prijs bepaalt.
We wachten tot de baas heeft besloten hoeveel het jasje moet kosten en ondertussen vertelt de vrolijke verkoper dat hij ruzie met hem heeft gehad. Dat hij lange dagen moet werken, weinig verdient en als een hond behandeld wordt. Dat hij geen goede plek heeft om te wonen. Dat hij geen uitweg meer ziet. Hij is illegaal.
In India heb ik verkopers ontmoet die tien keer armer waren dan hij en toch leken die beter af. Het is dit land vol rijke, verwende inwoners die alles hebben en nog meer wensen. Geen idee hebben we van de mokerslag die het leven uitdeelt aan illegale verkopers uit India. Sterker nog: we willen er niets van weten.
Daar sta ik dan met een portemonnee vol geld, de sleutels van een fijn huis en het visitekaartje van een fantastische baan in mijn tas. Ik heb alles en ik wenste nog meer. De verkoper kijkt me aan met doffe ogen. Ik zeg dat er heus betere tijden komen, maar ik weet hem noch mezelf te overtuigen. Hij is z'n mooiste bezit verloren: zijn dromen - en waar vindt hij nieuwe?
Wanneer de koop gesloten is, biecht hij op dat hij niks van leer weet, hij doet maar alsof. Wat geeft 't? We schudden elkaar de hand, zijn door de woorden heen. Ik doe het jasje meteen aan. Dan trekt z'n gezicht open en verschijnt als bij toverslag z'n grote glimlach. Hij heeft toch nog een professionele tip: wanneer er regen op het jasje komt, moet ik het schoonvegen: "With a doekkie."
Hopelijk verandert er snel wat in zijn leven. Voor mij hoeft 't niet meer zo nodig, ik heb genoeg. De vrolijke verkoper heeft me happy gemaakt. Op weg naar huis begint het zachtjes te regenen. Straks het jasje even schoonvegen. Met een doekkie.

 
 

 

© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl
Op de inhoud van deze site berust copyright, niets van de inhoud van deze website mag zonder de uitdrukkelijke toestemming
van de auteur of haar vertegenwoordigers worden overgenomen op wat voor manier of in welke vorm dan ook.
Dit is een afbeelding van een pagina uit Marie Claire, de foto op deze pagina is gemaakt door Carin Verbruggen.