hagelslag

Midden in het gezicht van de schrijfster staat een dun streepje dat naar beneden neigt. Het is haar mond. We worden samen geïnterviewd en in het uur dat ik met haar aan tafel heb doorgebracht heeft ze nog niet één keer gelachen. Wel heeft ze veel namen genoemd van figuren uit de uitgeefwereld die er toe doen. Althans, dat vermoed ik, want ze keek er extra ernstig bij. Vraag me niet waar haar roman over gaat, want er rolde zo'n vermoeiende zin uit haar mond - een historische generatieroman vanuit een politiek-sociaal perspectief, zou dat kunnen? - dat ik vergat te informeren wat ze daar   precies mee bedoelde.

Het streepje trekt strak. "Wat zijn nu eigenlijk jouw literaire helden?" zegt ze op cynische toon. In de stilte die valt, marcheert de triomf haar gezicht binnen. Ik weet even niet wat ik moet zeggen. Ik heb helemaal geen zin om me te verdedigen, maar bij dit soort types zit je al gauw te bewijzen dat je niet van de straat bent en De ontdekking van de hemel wel degelijk hebt gelezen.
Ik begin te gloeien van boosheid. Ze moest eens weten. Lezen is voor mij even vanzelfsprekend als eten. Zonder literatuur zou het leven een saaie, uitgedroogde boterham zijn. Boeken heb je nodig als beleg. De hagelslag! De geitenkaas! De avocado met tomaat!

Enfin, de beleg-metafoor raakt een beetje uitgeput, dus terug naar de schrijfster, die nog altijd wacht op een antwoord. Ik bedenk gewoonlijk pas na afloop wat ik had moeten zeggen en vreet me dan nog drie dagen op over de gemiste kans, maar deze keer zeg ik zowaar: "Waarom stel je mij nu deze vraag?"
Ha! Meta-communicatie, communicatie over de communicatie, dit gaat de goede kant op.
En dan? Dan prijs ik alsnog braaf de complete verhalenbundel van David Leavitt, memoreer Van der Heijdens romancyclus De tandeloze tijd , noem John Updike, Rascha Peper, Zadie Smith, Dave Eggers... De schrijfster knikt zuinig. Ik vlucht naar de wc.

Daar sla ik mezelf uitgebreid voor mijn domme, ijdele kop. Waarom roep ik niet gewoon dat ik sinds Pluk van de Petteflet geen boek meer heb ingekeken? Dat ik voor mijn lijst wel ooit in Het gouden ei ben begonnen, maar halverwege ben gestrand? Dat ik boeken best geinig vind, maar dat het enige probleem is dat er zoveel letters in staan?
"Laffe hond," mompel ik tegen mezelf.
Enigszins gekalmeerd kijk ik in de spiegel.
Nee. Nee hè. O nee! Laat het niet waar zijn.
Zie ik daar, midden in mijn gezicht, een dun streepje dat naar beneden neigt?

 
 
 

 

© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl
Op de inhoud van deze site berust copyright, niets van de inhoud van deze website mag zonder de uitdrukkelijke toestemming van de auteur of haar vertegenwoordigers worden overgenomen op wat voor manier of in welke vorm dan ook.