de ruis van rubinstein

Ze is heel ziek en houdt een weblog bij. En nu wil ze dat dat weblog na haar dood in boekvorm verschijnt, want dan 'hebben anderen er ook nog wat aan'.
Bijna wekelijks staat in het tijdschrift Viva een terminaal zieke vrouw die haar verhaal te boek heeft gesteld. Droevig, dat zeker, maar daarmee nog geen interessante literatuur. Alleen kun je dat beter niet hardop zeggen, want dan is het of je het beschreven leed niet serieus neemt. Wat precies het probleem aangeeft met dit soort geschriften: of je beoordeelt ze met medelijdende mildheid, wat een belediging is aan het adres van de schrijver, of je beoordeelt ze op hun literaire waarde, wat een belediging is aan het adres van de zieke.

Dat eerlijkheid genoeg is voor een goed verhaal, blijft een hardnekkige misvatting. Eerlijkheid is een kunstvorm als alle andere, betoogde Renate Rubinstein terecht. Hoe intelligenter de schrijver, hoe interessanter zijn eerlijkheid. Zij schreef in 1989 al over 'de ruis van clichés' die veel verhalen overstemt en niet om door te komen maakt. Zo zag zij ooit op de Duitse televisie een interview met een overlevende van een concentratiekamp. Dat gesprek vond zij slaapverwekkend. De geïnterviewde sprak louter in algemeenheden en wist geen individu in de herinnering op te roepen. Waarmee Rubinstein weer eens aangaf dat zij de eerlijkheid als kunstvorm beheerste. Wat ze zei, hoorde niet; we zijn immers voorgeprogrammeerd het relaas van een kampoverlevende of terminaal zieke per definitie hartverscheurend te vinden. Maar ik weet zeker dat vele luisteraars en lezers het stiekem met haar eens zijn.

Het probleem met die persoonlijke rampverhalen is dat ze verre van persoonlijk zijn. Waren ze dat maar. Kwamen er individuen aan het woord die met hun hoogst persoonlijke, unieke observatie iets weten te zeggen over het grotere geheel, dan werden we tenminste wat wijzer. Rubinstein, die aan MS leed, beschreef hoe ze met twee handige roeispanen aan beide zijden van haar ligbad zonder hulp van buitenaf in en uit bad wist te komen. Dat was toch eigenlijk veel prettiger dan eindeloos wachten tot de officiële hulpstukken van overheidswege geleverd werden.
Aan die roeispanen moet ik nog vaak denken als de ruis van de clichés weer eens   oorverdovend dreigt te worden. De een heeft kanker, de ander verlamde benen en een derde geïnterviewde heeft het allebei, maar stuk voor stuk hadden ze hun ziekte niet willen missen, zijn ze het leven zo veel meer gaan waarderen en genieten ze van kleine dingen. Er is nou nooit eens iemand bij die zegt: hè bah, ik wou dat ik die ziekte nooit gekregen had en ik maak me nog net zo druk om onbenulligheden als vroeger.

Het maakt niet uit wat je meemaakt, het maakt alleen uit hoe je het opschrijft. Ik ken een schrijvende wereldreiziger die heel Afrika heeft verkend, maar die ik nog nooit op een originele observatie heb kunnen betrappen. Ze bleef in haar reportages maar genieten van zonsondergangen, wilde dieren en van Afrikaanse volkeren die met niets toch zo gelukkig kunnen zijn. De wereldreizigster had net zo goed thuis in Almere kunnen blijven. Dan was er nog steeds niets aan die verhalen geweest, maar het had wat tijd en kerosine gescheeld.   

Ik wil maar zeggen: kanker en schrijverschap gaan niet per definitie samen - al zou 't aardig zijn van de natuur als het wel zo was. Die twee gaan zelfs bijna nooit samen, er zijn nu eenmaal veel mensen met kanker en weinig mensen met schrijftalent.
Het geval wil dat ik een zeldzaam intelligente vriendin heb met een zeldzaam nare ziekte die wél kan schrijven. Toevalligerwijs, want het een heeft zoals gezegd niets met het ander te maken. Zij vertelt geregeld geestig en beeldend over haar ziekte, maar schrijft er geen letter over. Ze heeft er domweg geen zin in vanwege bovengenoemd rampenproza. En trouwens, waarom zou ze ook? Er valt nog zoveel meer te vertellen.

 
 

 

© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl
Op de inhoud van deze site berust copyright, niets van de inhoud van deze website mag zonder de uitdrukkelijke toestemming van de auteur of haar vertegenwoordigers worden overgenomen op wat voor manier of in welke vorm dan ook.