|
snelkookpan
Mul moest denken aan de snelkookpan. Die werd ooit gepresenteerd als een geweldige uitvinding. De pan stoomde en borrelde dat het een lieve lust was. Nu hoorde je er niemand meer over. Ze vroeg zich af hoe lang het wachten was op een inzicht dat uitnodigde tot verder denken. Vooralsnog moest ze het doen met een traag malend reptielenbrein dat niet verder kwam dan simpele observaties. Wat is het warm. Ik heb honger. Waar heb ik mijn zonnebril nou gelaten. Piet Vroon zei ooit: "De geest weet niet wie de geest is." Ach ja, Vroon, wat een inspirerende geest. Tragisch geëindigd, dat ook. Hij kon uitzonderlijk helder redeneren over de psychologie van de mens, maar dat weerhield hem er niet van zelf door te draaien tegen het einde van zijn leven. Van gevierd wetenschapper en publicist gleed hij af naar verguisde, uitgekotste charlatan. Uiteindelijk pleegde hij zelfmoord. Mul zag hem laatst nog langs de rivier wandelen in een herhaald interview dat Martin Simek voor de RVU ooit met hem hield. Vroon droeg een uitzonderlijk lelijke jas van suède met bont en van die Peruaanse stukken stof ertussen. Zijn snor sloeg geel uit. Hij vertelde dat zijn voormalige schoonmoeder ooit over hem had gezegd: "De man heeft mooie ogen, maar de lange bovenlip van een SS-er." Sindsdien liet Vroon zijn snor staan. Zo surften Muls hersenen van snelkookpan naar Vroon en terug. Ze vroeg zich ook nog af wie ze was - kort maar hevig. Toen ze het raam opende en de lauwe wind haar vanaf het water in het gezicht blies, vervloog deze gedachte. Het werd tijd voor een boterham met pindakaas en sambal. Droog en brandend als de hitte zelf. |
|
© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl |
||