haruki murakami (deel 1)

Ik neem mij voor het nog één keer met hem te proberen. Haruki Murakami. Al was het maar vanwege die naam, waarvan de letters als een Mikado-spel over elkaar heen vallen. Het is even oefenen, maar als je 'm eenmaal hebt, die naam, dan vergeet je 'm nooit meer. Wat is het toch dat lezers zo aantrekt? Ik wil het begrijpen. Er moet mij wat ontgaan. Hard-boiled Wonderland and the End of the World, mijn eerste poging tot het lezen van Murakami's werk, heb ik na enkele hoofdstukken moedeloos terzijde gelegd. Ik wijtte de mislukking aan mijn afkeer van surrealistisch proza. Al maakt Murakami het de lezer wel erg moeilijk, door maar liefst twee niet bestaande werelden door elkaar te vlechten. Had ik net geprobeerd me in te leven in die ene niet bestaande wereld waar ik me, door een algeheel gebrek aan informatie (wie wat waar?), nauwelijks een voorstelling van kon maken, stond die andere, minstens even ondoorgrondelijke wereld alweer voor de deur. Het zal allemaal wel een speciale betekenis hebben, maar ik voelde geen lust om te ontdekken welke. Animal Farm heeft me ook altijd in hoge mate geïrriteerd. Waarom heb je een stel pratende dieren nodig om duidelijk te maken wat je bedoelt?

De roman van Murakami was me cadeau gedaan door een lyrische fan. Het lijkt wel of iedereen tegenwoordig lyrisch is over de Japanse bestsellerauteur. Overal waar ik kijk, duiken zijn boeken op, als konijnen die zich ongezien vermenigvuldigen.
In Japan loopt het uit de hand. Daar wordt Murakami als een popster toegejuicht en kan hij nauwelijks meer over straat. Hij is zelfs naar het buitenland uitgeweken om aan de massale verering te ontsnappen. In een documentaire die laatst op televisie te zien was, vertelden fans, van scholieren tot ouden van dagen, met glanzende ogen over de literaire eigenaardigheden van hun held. Er kwam vaak spaghetti in zijn boeken voor, daar hield hij duidelijk zeer van. Een psycholoog vertelde dat Murakami haar met hernieuwde ogen naar de wereld had doen kijken. De kleinste alledaagsheden wist hij zo fris te beschrijven dat ze weer bijzonder werden. Dat wil ik ook ervaren.

Ik neem mij dus voor het nog één keer met hem te proberen. Ik tref De Opwindvogel Kronieken op de plank bij mijn ouders - wel ja, ook zij lezen Murakami. Bij mijn weten de eerste Japanner die hun boekenkast heeft gehaald. Vol goede moed begin ik aan de 851 bladzijden tellende roman (het nawoord niet meegerekend). In de eerste zin kookt de hoofdpersoon al spaghetti. Even voel ik mij deelgenoot van iets intiems; Murakami's fans en ik, wij weten dat hij niet zómaar spaghetti kookt. 'Toen de telefoon ging, stond ik in de keuken voor een pan spaghetti, lekker meefluitend met de ouverture van Rossini's Diefachtige ekster, wat volgens mij de ideale muziek is om spaghetti bij te koken.' Zo luidt de beginzin in zijn geheel. Kinderlijk aandoend proza dat onhandig voorthobbelt - vooral door die laatste toevoeging.
De schrijver maakt gebruik van al even onhandige stijlmiddelen. Zo vertelt hij rustig een ellenlang verhaal in de vorm van een monoloog. Aanhalingstekens openen, twintig bladzijden vol praten, aanhalingstekens sluiten. Het is alsof hij dat verhaal nog even kwijt moest, maar niet wist waar. Wordt de monoloog zelfs in zijn ogen te lang, dan begint hij een nieuw hoofdstuk dat hij doodgemoedereerd deel twee noemt. Er gebeuren veel vreemde, onverklaarbare dingen. Die zijn op bladzijde 645 immer niet verklaard en ik heb weinig hoop dat dat alsnog gaat gebeuren. Maar het einde is nog niet bereikt. Om in de stijl van Murakami te blijven: volgende week deel twee.

 
 

 

© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl
Op de inhoud van deze site berust copyright, niets van de inhoud van deze website mag zonder de uitdrukkelijke toestemming van de auteur of haar vertegenwoordigers worden overgenomen op wat voor manier of in welke vorm dan ook.