rechtsaf of linksaf

Twee meisjes op één fiets. Mul fietste op enige afstand, maar ze wist direct dat ze jong waren. Je zag het aan de manier waarop het voorste meisje fietste. Nonchalant, onverschrokken, zonder acht te slaan op de tramrails. De fiets slingerde vervaarlijk. Je zag het ook aan de glanzende haren van het meisje dat achterop zat. Haar dat wilde groeien en waarvan ze nu nog niet wist dat het later nooit meer zo lang zou worden.

Mul ging harder fietsen om de twee beter te kunnen bestuderen. De twee droegen militaire jackjes en strakke, gebleekte spijkerbroeken. Het voorste meisje had ondanks het grauwe weer een zonnebril op. Het was een stoere bril, zo eentje die piloten droegen. Hij stond haar goed, ze had een smal gezicht. Onbezorgd lachte ze haar orthodontisch gecorrigeerde tanden bloot. Het achterste meisje lachte ook. Samen moesten ze hard lachen. De wereld was van hen. Hoe oud zouden ze zijn? Zestien of zeventien.

Mul mijmerde. Laatst nam ze het vliegtuig vanuit het zuiden en kwam ze naast twee meisjes te zitten. Tevreden glimlachend wurmde ze zich naar de raamplaats. Ze was opgelucht dat ze de reis niet naast twee zwetende mannen hoefde door te brengen. Of naast een zeurend echtpaar. Nu zaten ze met drie soortgenoten op een rijtje. De meisjes waren zoals zij. Gezellig, dacht ze. De bemanning deelde folders uit. Het meisje naast Mul stond op het punt er eentje door te geven en vroeg: "Wilt u ook een folder?" U. Het duurde even voor Mul doorhad dat de vraag aan haar gericht was. Mul was in hun ogen een mevrouw. Niet één van hen, iemand uit een ander universum.
Ooit zouden de meisjes zo oud zijn als zij, maar dat duurde nog heel lang. Ze bespraken een roman van Harry Mulisch. Siegfried. Dat vonden ze best een leuk boek. Een van hen zei: "Ik wil De ontdekking van de hemel gaan lezen." Dat leek haar vriendin wel erg dik. "Ja maar," was het antwoord, "het telt als twee boeken." Mul glimlachte. Ooit las zij ook voor haar lijst. Het leek lang geleden en heel dichtbij. Er lag een leven tussen. Ze begreep ineens dat oudjes van tachtig zich nog jong konden voelen. Hun geest hield geen gelijke tred met hun lichaam. De tijd was hen te snel af.

Mul trapte mechanisch, de bijziende ogen knijpend gericht op het stoplicht voor haar. Oranje. Haasten had geen zin. Het meisje dat voor haar fietste, sloeg met een zwierige bocht rechtsaf. Alsof ze op het laatste moment ineens dacht: dat ga ik doen. Het meisje dat achterop zat, boog mee. Rechts of links, ze konden alle kanten op.  

 
 

 

© Copyright Siska Mulder - www.siskamulder.nl
Op de inhoud van deze site berust copyright, niets van de inhoud van deze website mag zonder de uitdrukkelijke toestemming van de auteur of haar vertegenwoordigers worden overgenomen op wat voor manier of in welke vorm dan ook.